Kapot.

Op velerlei verzoek: een blog over de Duitse variant van het ‘consultatiebureau’

‘We gaan we door een heftige tijd hoor, ze is echt elke twee uur wakker ’s nachts nu voor de borst.’ 
Ik kijk onze kinderarts aan, klaar voor een ontdane reactie. Mijn kind is zo’n 5 a 6 maanden, ik heb het natuurlijk ouderschap nog niet ontdekt (en daarmee alle idiote clichés over baby’s en slapen nog niet in een kano een woeste waterval af laten storten) en verwacht dat de arts wel in shock zou zijn, want mijn kind is duidelijk kapot. Nu al. Ben nog geen zes maanden ouder en ik heb het al verpest. 

In Duitsland heb je geen consultatiebureau, maar ga je vanaf de geboorte tot en met dat je kind veertien is voor alle lichamelijke en geestelijke checks, maar ook met klachten, naar je kinderarts. Eigenlijk een consultatiebureau en huisarts speciaal voor kinderen in één, dus. Voor direct na de geboorte kun je je daarnaast ook nog bij een Hebamme aanmelden die eerst dagelijks en daarna wekelijks thuis komt kijken hoe het met mama en de baby gaat, hoe bijv. de borstvoeding loopt en die vragen beantwoordt, maar dit is niet verplicht en de kinderarts wel. 

De kinderarts knikt vriendelijk naar me. Hij en zijn vrouw runnen samen deze praktijk en hebben zelf drie  kinderen. Ik wacht zijn geschokte reactie nog even af, maar die blijft echt uit. De baby krijgt een brede glimlach en ik een ‘tot de volgende maand dan, hé!’ 
Met toch wel opgetrokken wenkbrauwen sta ik even later weer voor de de deur van de praktijk met mijn guppie blij in de draagdoek.
Dit is toch niet normaal? 

We spoelen even door. Het meiske is drie jaar en we zijn voor het eerst bij onze nieuwe kinderarts in de buurt van München. Inmiddels ben ik groot fan van natuurlijk ouderschap, slapen we nog steeds allemaal samen en is borstvoeding nog steeds niet helemaal weg te denken. Ach ja, en eigenlijk slapen we inmiddels vrijwel alle nachten supergoed. Helemaal als vanzelf gebeurde dat!

We werken ons door de gebruikelijke vragenlijst heen, waarbij de nadruk ligt op: zijn de ouders blij met hoe het gaat. Ik kruis in een woordenlijst aan welke woorden ze zoal gebruikt, het guppie wordt gewogen, gemeten, bloeddruk wordt afgelezen en alles wordt opgeschreven in haar Gele Schrift: het schrift waar haar complete ontwikkeling vanaf de geboorte in is bijgehouden. 
Bij ons ook wel het ’schrift in een ondefinieerbare kleur door de sporen van het dagelijks leven’ genaamd.
‘Heeft ze ook nog een speen?’ vraagt de arts. ‘Nee,’ zeg ik. ‘Nooit gehad. Ze krijgt nog wel borstvoeding.’ 
Hij knikt. ‘En alle vaccinaties zijn al compleet, zie ik?’ 

Dochterlief speelt op de grond met een puzzel, de arts en ik praten uitgebreid over hoe het met haar gaat.  Hij vraagt naar onze situatie en of we ons goed redden zonder de familie in de buurt. Daarna gooit hij een paar keer een bal naar de peuter, die vol plezier vangt en terugwerpt. De kinderarts kijkt nauwkeurig hoe ze zich daarbij beweegt en legt mij daarna uit waar hij op heeft gelet. We hebben nog even lol over het feit dat Gergö een koud water allergie heeft (ik bedoel… whaha!) en praten wat over mijn schrijven; voor dit jaarlijkse bezoek wordt rustig drie kwartier uitgetrokken en ook een gezellig praatje hoort bij hun beeldvorming van ons gezin. 

Waar je in het begin iedere maand naar de kinderarts gaat voor controle en de inentingen, heb je vanaf 1 jaar minder controles. Met twee en met drie jaar zijn er dan weer een groot onderzoek, die bij wet verplicht zijn en waarbij de lichamelijke en geestelijke ontwikkeling volledig worden nagegaan.  

Ik heb mij vanaf dag één als een vis in het water gevoeld bij het Duitse systeem. Ik heb in totaal vier verschillende kinderartsen gezien en ons is nog nooit ongevraagd (onjuist) advies gegeven. Voor je staat iemand die jaren medicijnen heeft gestudeerd, gespecialiseerd is in het kinderlichaam en die daar bovenop nog weer extra specialisaties heeft. Zo is onze nieuwe arts ook allergoloog. Nu denk je misschien: kennis betekent niet persé inlevingsvermogen, maar precies dat troffen we steeds. 
(Oké, bij drie van de vier. Over één van de artsen, die we overigens slechts 1x bezochten, kan ik een soort tragikomedie schrijven. Misschien speel ik het een keer na in één van mn stories?)  
Daarnaast waren alle artsen die wij bezochten zelf ook ouder en konden we ook van ouder tot ouder met ze overleggen. De nadruk ligt op: zijn de ouders blij en is het kind blij en gezond. Hoe we slapen, hoe we eten en hoe we ons door het leven bewegen, zal de kinderarts een zorg zijn. Tenzij wíj ermee zitten en ons niet happy voelen. Tenzij hij zou merken dat er iets misschien niet in de haak is of niet goed loopt. 

Super voor mekaar wel, Duitsland! 

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *